Goed voorbeeld:

zo bereid je

het verpleeghuis (niet) voor

Stel je voor: je bent op vakantie in Griekenland en krijgt een ongeluk. Via een Grieks ziekenhuis, een Belgisch ziekenhuis en een Zeeuw ziekenhuis kom je 3 maanden later in een Zeeuws verpleeghuis. Mét een resistente bacterie. Dat vraagt om de juiste infectiepreventiemaatregelen. Maar dat blijkt minder makkelijk dan gedacht. William Wezenbeek, deskundige infectiepreventie bij GGD Zeeland, deelt zijn geleerde lessen.

Soms kan een vakantie heel ander verlopen dan voorspeld. Een Zeeuwse man, samen met zijn echtgenote op reis in Griekenland, krijgt een ongeluk en belandt in het ziekenhuis. Zijn eerste transfer is naar een Belgisch ziekenhuis. Daar ontdekken de artsen al snel een vervelende Klebsiella. Alleen Gentamicine is nog beperkt werkzaam. Waakzaamheid is daarbij geboden. De overdracht naar het Admiraal de Ruyter Ziekenhuis in Goes is dan ook secuur. Als meneer vervolgens naar een verpleeghuis gaat, bereiden de deskundigen infectiepreventie van GGD Zeeland de verzorgenden goed voor.

Teach-de-teacher principe

“We zijn naar het verpleeghuis gegaan en hebben 4 verzorgenden geïnformeerd”, vertelt William. “Volgens het teach-de-teacher-principe. De 4 verzorgenden informeerden de andere medewerkers.” De deskundigen infectiepreventie deelden informatie over microbiologie, de WIP-richtlijn, persoonlijke hygiëne en handhygiëne, persoonlijk beschermingsmateriaal en reinigen en desinfecteren. “Het was een goed gesprek. Al het materiaal was in huis en zag er prima uit. De gang van zaken was doorgesproken, we hadden er vertrouwen in.”

Onrust

Op de dag van de transfer is William op de afgesproken tijd in het verpleeghuis. Daar treft hij echter een heel andere situatie dan verwacht. “Er was onrust. Meneer was al gearriveerd en het ambulancepersoneel weer vertrokken. De verzorgenden waren ontdaan en in tranen. Want de ambulancebroeders hadden gezegd dat ze het verkeerde protocol gebruikten.” William moet er alles aan doen om dit misverstand direct recht te zeggen. Na een kijkje te hebben genomen in de kamer van meneer, viel hem direct een aantal hygiënefouten op. “Het beschermingsmateriaal lag gewoon op de vloer. En in de badkamer stond een uiterst klein prullenbakje met handschoenen en schorten erin gepropt.”

In de genen

Na een aantal dagen is Wezenbeek weer op locatie. Want de onrust onder het personeel duurt voort. “De informatie over microbiologie bleek volledig verkeerd te zijn geïnterpreteerd. ‘Als je de bacterie oppikt, gaat ze in je genen zitten’ hadden de 4 verzorgenden aan de anderen doorgegeven. De reactie van het thuisfront van de medewerkers was niet mis. Partners protesteerden, ‘jij gaat daar niet werken!’. De locatiemanager had er veel werk aan om dat weer recht te zetten.”

Basishygiëneregels vaak onbekend

Weer een paar dagen later bereiken William signalen dat medewerkers de werkdruk niet meer aankunnen. “Meneer was niet zo mobiel, maar blij dat hij nu in het verpleeghuis was. Daar kon hij tenminste weer wat rondscharrelen op zijn kamer. Er bleek steeds een verzorgende aanwezig te zijn die alles wat meneer aanraakte direct schoonmaakte. Terwijl ik had gezegd dat ze alleen de directe contactpunten goed moesten reinigen.” Ook klaagde de familie van meneer. “Sinds het ongeluk waren 3 maanden verstreken, met verschillende transfers. De familie was moe en was het zat. Ze waren meester in het aanduiden van hygiënefoutjes van medewerkers.” Bij navraag onder de medewerkers bleken de basishygiëneregels vaak onbekend.

Do’s-and-don’ts

De goed voorbereide transfer pakte dus heel anders uit in de praktijk. Maar de geleerde lessen zijn waardevol. William deelt heldere do’s-and-don’ts.

  • Don’t ‘Teach-de-Teacher’, maar informeer de verzorgende zoveel mogelijk zelf. Hiermee voorkom je dat hygiëneregels verkeerd worden geïnterpreteerd.
  • Zorg voor een deskundige infectiepreventie op het moment van opname. “De volgende keer dat de ambulance aankondigt om 10.30 uur bij het verpleeghuis te zijn, sta ik daar al om 8.30 uur op de stoep,” aldus Wezenbeek
  • Houd informatie SMART en vermijd ballast. “Geef bijvoorbeeld geen informatie over microbiologie. Dat is onnodig en wordt snel verkeerd geïnterpreteerd,” vertelt William.
  • Oefen met de verzorgenden met persoonlijk beschermingsmateriaal. Medewerkers zeggen wel dat ze het weten, maar controleer dit door de verzorgenden te laten oefenen
  • Zorg ervoor dat een deskundige infectiepreventie de familie informeert voor overplaatsing “Koop tijd: ik was steeds net te laat, als dingen al ontploft waren,” aldus William.

Hygiëne in de juiste context

In het halfjaarlijkse Zeeuwse BRMO-overleg (bijzonder resistente micro-organismen) zijn algemene afspraken gemaakt over de transfer van een cliënt met een resistente bacterie naar een verpleeghuis. “Een verpleeghuis krijgt voortaan 3 dagen de tijd om alles op de rails te krijgen. Die tijd is ook echt nodig om iedereen goed te informeren.” Daarnaast deed Wezenbeek de suggestie een aantal afdelingen alvast klaar te stomen om patiënten met een BRMO op te nemen. Ook aan de opleidingenkant kan iets verbeterd worden. “Aan een vierdejaars stagiair hbo-v vroeg ik wat ze had geleerd over infectiepreventie. Dat was heel beperkt.”

Kinderen morgen kliederen

Hij sluit af met het belang van hygiëne in de juiste context. “Kinderen mogen kliederen. Steeds meer mensen doen dat bewust vanuit het oogpunt ‘we leven te schoon en daarom worden we ziek’. Maar het is kwalijk als diezelfde hygiëne-opvatting wordt vertaald naar het verpleeghuis, vanuit het idee ‘straks kunnen onze oudjes nergens meer tegen’. Dat is pertinente onzin. Oude, kwetsbare mensen aan het eind van hun leven hebben daar de tijd en de kracht niet meer voor. Die moeten we juist beschermen.”

Dit goede voorbeeld is een weergave van de presentatie van William Wezenbeek tijdens de kennis- en netwerkmiddag van zorgnetwerk Zuidwest-Nederland op 8 februari.

Bron: Ministerie van VWS.

Meld je aan voor de nieuwsbrief van het Ministerie van VWS.

Lees meer