Veranderen doe je samen

De bezoekers van de workshop Veranderen doe je samen (en dat waren er heel veel) tijdens het congres Aanpak antibioticaresistentie in de ouderenzorg werden uitgedaagd om te bedenken wat ze vanaf de volgende dag konden doen om de kwaliteit van hygiëne en infectiepreventie te verbeteren. Het leidde tot een levendige discussie.

Wie verwachtte te kunnen zitten bij de workshop ‘Veranderen doe je samen‘ kwam bedrogen uit. Workshopleiders Martijn Simons (adviseur programma Aanpak antibioticaresistentie in verpleeghuizen bij Vilans), Nicolet van Eerd (adviseur programma Aanpak antibioticaresistentie in verpleeghuizen bij V&VN) en Willy Hoek (verpleegkundige i.o. bij Driezorg) hadden de vloer beplakt met papier met de cijfers één tot en met tien. De opdracht aan de aanwezigen luidde: ga staan bij het cijfer dat aangeeft waar jij staat als het gaat om gedragsverandering op het gebied van hygiënisch werken en hoe je daarbij samenwerkt met anderen. Alle cijfers werden bezet, al deed degene die eerst op de tien ging staan toch een stapje terug om uit te komen op 9,5. Er is altijd ruimte voor verbetering tenslotte.

Ervaringen delen

De gespreksleiders vroegen degenen die bij dezelfde cijfers stonden om in kleine groepjes met elkaar in discussie te gaan om hun ervaringen te delen. Toen aansluitend de resultaten hiervan werden gedeeld, kwamen daar veelzeggende opmerkingen uit:

  • Vaak ontbreekt het aan kennis waarom iets nodig is. En je merkt soms dat faciliteren dat overal de juiste hulpmiddelen staan voor hygiëne en infectiepreventie niet lukt. Het staat dan niet op de agenda van de manager.
  • We zijn allemaal wel goed bezig, maar het is moeilijk anderen aan te spreken en te motiveren.
  • Voorbeeldgedrag is belangrijk. Als deskundige infectiepreventie draag ik nooit sieraden, ook niet als ik gewoon achter mijn bureau zit.
  • Als verpleegkundestudenten hebben we gewoon tijd geclaimd om aandacht te kunnen besteden aan hygiëne en infectiepreventie.
  • En degene die op 9,5 was gaan staan: Ik spreek mensen gewoon consequent aan, bijvoorbeeld als ik ze met handschoenen aan over de gang zie lopen. Ik heb ook wel een manager achter me staan, maar ik vind niet dat ik die erg hard nodig heb. Je weet gewoon dat het niet mag.

Stappen zetten

De tweede opdracht aan de aanwezigen was met elkaar in discussie te gaan over de vraag wat je kunt doen om twee punten hoger te komen dan de positie die ze in eerste instantie hadden gekozen. Dit leidde tot enthousiaste voornemens:

  • Ik ga mijn collega’s meer aanspreken en ik ga proberen het zelf goed te doen. Als ik een ander zie die dat niet doet, wil ik iets minder vaak “Laat maar” denken.
  • Ik ga een klinische les geven over wat we hebben geleerd op dit congres.
  • Ik wil graag mensen aanspreken als ik dingen zie die niet deugen, maar denk vaak vanwege tijdnood “Nu even niet”. Dus ik ga met mijn leidinggevende in gesprek.
  • Maak er een spel van. In ziekenhuizen is het “Wie is de mol”-spel ingezet om te achterhalen wie degene is die zich niet houdt aan de regels op het gebied van hygiëne en infectiepreventie. Er zit een protocol bij over hoe je iemand aanspreekt over je vermoeden dat je met de mol te maken hebt.

Vooral dit laatste voorstel kon op veel bijval rekenen. Het is een speelse manier om gedragsverandering voor elkaar te krijgen. Het programma Aanpak antibioticaresistentie in verpleeghuizen is juist opgezet om op een eenvoudige manier gedragsverandering te realiseren. Het programma loopt nog heel 2019 door en voorziet ook in regionale inspiratiedagen, gekoppeld aan de tien regionale zorgnetwerken.

Wil je zelf aan de slag met maatregelen om antibioticaresistentie te voorkomen? Meld je team aan voor de leeromgeving hygiënisch werken en ga samen aan de slag.

Lees verder